Op 25 maart 1998 werd het eerste topsportconvenant ondertekend tussen de onderwijs- en de sportsector in Vlaanderen.
Hiermee werd de basis gelegd van een duurzame en gestructureerde samenwerking tussen het secundair onderwijs en de sportwereld.
Op 25 juni 2004 hebben de Vlaamse minister van Onderwijs M. Vanderpoorten en de Vlaamse minister van Sport M. Keulen, het Bloso, het BOIC, de BVLO,
de VSF en de 3 grote Onderwijskoepels
een nieuw topsportconvenant ondertekend, dat uitwerking heeft vanaf 1 september 2004.
De doelstelling van het topsportconvenant is zeer talentrijke jongeren de kans te bieden hun sport op hoog niveau te beoefenen in combinatie met
hun studies om zo een volwaardig diploma secundair onderwijs te behalen.
Door de Vlaamse minister van Onderwijs zijn 6 topsportscholen
aangeduid in Vlaanderen die een specifieke studierichting "topsport" mogen inrichten, zowel op ASO als TSO niveau. In deze studierichtingen krijgen de leerlingen/topsporters
binnen het uurrooster wekelijks 10 uur training in hun sport en 2 uren lichamelijke opvoeding, aangepast aan hun sport. De sportieve opleiding en begeleiding gebeurt door trainers
aangesteld door de sportfederaties die een bijzonder convenant met de topsportschool en de Vlaamse minister van Onderwijs ondertekend hebben.
Tijdens het schooljaar participeren 17 sportfederaties in de verschillende topsportscholen. Het spreekt voor zich dat ook na de schooluren intens getraind wordt. Daarnaast
wordt voor deze leerlingen door de school in specifieke studiebegeleiding voorzien.
Om in een studierichting topsport te kunnen inschrijven dienen de leerlingen over een topsportstatuut te beschikken
dat wordt uitgereikt door de selectiecommissie van het topsportconvenant en dit op basis van strenge selectiecriteria. In deze selectiecommissie zetelen
vertegenwoordigers van de betrokken sportfederatie, het BOIC, het departement cultuur, jeugd, sport en media en het Bloso. Om een topsportstatuut te bekomen moet men door de sportfederatie
voorgedragen worden bij de selectiecommissie. Het topsportstatuut geeft bovendien recht op een aantal dagen gewettigde afwezigheid voor
stages, wedstrijden en tornooien die begeleid worden door de sportfederatie.
Een leerling die het topsportstatuut verwerft, heeft 2 mogelijkheden:
- hij volgt een niet-topsport studierichting en combineert sport en studie binnen de mogelijkheden van
het toegekende statuut.
- hij schrijft zich in aan een topsportschool. Meestal start men in de
2e graad, dit betekent het 3e of 4e jaar van het middelbaar onderwijs. Binnen de topsportscholen bestaat in het ASO
het aanbod Wetenschappen-topsport (2e + 3e graad), Moderne talen-topsport (3e graad) en Wiskunde-topsport (3e graad)
en in het TSO de studierichtingen Topsport (2e + 3e graad) en Handel-topsport (2e + 3e graad).
De sportfederaties hebben de mogelijkheid om vanaf de 1e graad te starten met opleiding en begeleiding. Voor de
sporten gymnastiek en tennis kan dit reeds in de basisschool.
Er zijn 3 soorten statuten: topsportstatuut A, topsportstatuut B en statuut topsportbelofte. Hieronder vind je de
regeling m.b.t. het aantal halve dagen per jaar:
|
Leerlingen met topsportstatuut A |
Leerlingen met topsportstatuut B |
| Leerling/topsporter, ingeschreven in een topsportstudierichting 2e of 3e graad |
130 |
40 |
| Leerling/topsporter niet ingeschreven in een topsportstudierichting 2e of 3e graad |
40 |
40 |
| Leerling/topsporter, ingeschreven in een topsportschool, in 1A of de basisoptie topsport |
90 |
40 |
| Leerling/topsporter niet ingeschreven in een topsportschool, 1e graad |
40 |
40 |
Voor de afwezigheden van leerlingen uit basisscholen gelden de bepalingen zoals opgenomen in het Besluit van de Vlaamse regering tot wijziging van
het besluit van de Vlaamse regering van 12 november 1997 betreffende de controle op de inschrijvingen van leerlingen in het basisonderwijs, met dien verstande dat
het maximaal gaat om een wettiging van 6 lestijden per week en 10 halve dagen per jaar, teneinde deel te nemen aan tornooien of stages onder verantwoordelijkheid van
de betrokken unisportfederatie. De leerlingen dienen te beschikken over een statuut topsportbelofte uitgereikt door de selectiecommissie.
De topsportscholen gaan in 2008 - 2009 hun 11e schooljaar in en kennen een stijgend succes. Het aantal deelnemende sportfederaties is
gestegen van 12 in 1998-1999 naar 17 in het huidige schooljaar. Het aantal uitgereikte
statuten (A - B - topsportbeloften) is geëvolueerd van 399 in 1998-1999 naar
780 voor het schooljaar 2008-2009. Onze potentiële topsporters hebben
eveneens de weg naar de topsportscholen gevonden. In 1998-1999 schreven slechts 201 leerlingen/topsporters zich in een topsportschool in. Voor
het huidige schooljaar zijn er dat 646 leerlingen/topsporters.
In de sporttakken gymnastiek en tennis kan men reeds starten vanaf de basisschool.
Er werden in totaal 58 statuten topsportbeloften toegekend (gymnastiek
38, tennis 20).
Meer info nodig?
Voor specifieke inlichtingen (bv. studieprogramma, inschrijvingen) over de topsportschool
zelf kan je terecht bij de coördinator van de topsportschool.
Voor specifieke inlichtingen over de sporttak kan je terecht bij de coördinator topsport
van de betrokken topsportfederatie.
Voor algemene inlichtingen over het project topsportscholen kan je terecht bij:
Bloso
Annemie Skopinski
Arenberggebouw Arenbergstraat 5
1000 Brussel
Tel.: 02 209 47 62
Fax: 02 209 47 90
annemie.skopinski@bloso.be
top
|