Links

Jeugdsportcampagne

Sportpromotie vanaf 1991 (VOI Commissariaat generaal Bloso)
Toen Bloso in 1991 omgevormd werd tot een Vlaamse Openbare Instelling (VOI), werd de sportpromotie professioneler aangepakt en werden meer financiële middelen vrijgemaakt.

Sensibiliseringscampagnes op Vlaams niveau: De Bloso-Jeugdsportcampagne 'Als het kriebelt moet je sporten'
Deze campagne ging officieel van start op 1 oktober 1992 en werd afgesloten in 1996. De uitgangspunten van deze Vlaamse sportpromotiecampagne waren tweeërlei:
de slechte fysieke conditie van de jeugd;
de dalende sportparticipatie van de jongeren in de leeftijdsgroep 12 tot 18 jaar.

Deze campagne beoogde enerzijds meer jongeren aan te zetten opnieuw te gaan sporten of meer aan sport te doen en anderzijds het belang te onderstrepen van de continuïteit van sportbeoefening. Enkel regelmatig sporten kan immers op termijn leiden tot een veralgemeende betere conditie van de Vlaamse jeugd. Vermits sporten in clubverband de beste garantie biedt voor regelmatig sporten werd daar in deze campagne sterk de nadruk op gelegd.
Niet minder dan 8.714 Sportkriebelactiviteiten werden georganiseerd, waaraan zo’n 2.800.000 jongeren hebben deelgenomen.

Dit uitgebreid sportaanbod kon gerealiseerd worden dankzij de intensieve medewerking van diverse partners. De participatiecijfers tonen aan dat de campagne ook goed aansloeg bij de jongeren zelf. Dit was niet in het minst te danken aan een professioneel mediaplan waardoor de Bloso-Jeugdsportcampagne in Vlaanderen een ruime bekendheid genoot. Hierbij speelde het campagnebeeld met name de Sportkriebel een belangrijke rol. Dit beeld werd gebruikt voor radio en tv-spots, advertenties, posters, opdrukaffiches, stickers, T-shirts, sleutelhangers, enz.
Mede dankzij verschillende ondersteuningsmiddelen werden sportfederaties, gemeentebesturen, provinciebesturen, sportclubs, scholen, enz. ertoe aangezet hun medewerking aan de diverse sportpromotionele activiteiten te verlenen. Specifiek werd er in meerdere projecten een grotere en directe betrokkenheid van de sportclubs nagestreefd. Deze doelstelling werd verwoord met de slogan Zoals het in de sportclub kriebelt, kriebelt het nergens.

Van bij de start van de Jeugdsportcampagne werden de Vlaamse sportfederaties betrokken bij de organisatie van de diverse activiteiten. Via ondermeer de subsidiëring van de door hen gemaakte kosten, werden de federaties ertoe aangezet specifieke jeugdsportpromotieplannen op te stellen, waarin ondermeer speciale aandacht werd besteed aan de opleiding van jeugdsportbegeleiders.

In 1992 werkten 10 federaties effectief mee via het opstellen en uitvoeren van een jeugdsportpromotieplan. In 1993 verklaarden 69 van de 86 erkende sportfederaties zich principieel akkoord om mee te werken aan de Bloso-Jeugdsportcampagne. Hiervan dienden 54 sportfederaties een promotieplan in, met 37 werden besprekingen aangegaan en met 32 federaties werd een overeenkomst bereikt. In 1994 werden alle Vlaamse erkende sportfederaties opnieuw aangezocht om een nieuw promotieplan op te stellen, waarbij sterk de nadruk diende te liggen op acties naar de sportclubs toe i.v.m. jeugdsportpromotie. De promotieplannen moesten derhalve voorzien in activiteiten die een directe betrokkenheid van de sportclubs inhielden.

In 1994 verklaarden 50 van de 86 erkende sportfederaties zich principieel akkoord om mee te werken aan  de Bloso-Jeugdsport-campagne, hiervan dienden 42 sportfederaties effectief een promotieplan in en met hen werd dan ook een overeenkomst bereikt.
In 1995 kwamen alleen de sportclubs van erkende federaties met een goedgekeurd promotieplan in aanmerking voor de subsidie voor deelname aan de Dag van de Sportclub en voor de subsidie voor aankoop van sportmateriaal. In deze promotieplannen diende bij acties naar de sportclubs toe de nadruk te liggen op fair-play.

Op dit voorstel reageerden 66 van de 90 sportfederaties positief en hiervan stuurden 57 sportfederaties daadwerkelijk een Jeugdsportpromotieplan in. In 1996 werd aan de Vlaamse sportfederaties in het kader van de Jeugdsportcampagne geen jeugdsportpromotieplan meer opgevraagd. Wel werd een daadwerkelijke medewerking van de sportfederaties verzocht voor specifieke evenementen zoals de Dag van de Sportclub en de Bloso-Kustactie. Beide acties werden jaar na jaar succesvol georganiseerd.

Acties in partnership met de provinciale sportdiensten

In mei 1992 werden in het kader van de Vlaamse Jeugdsportcampagne Provinciale Stuurgroepen JeugdSport opgericht. Alle promotionele acties in de provincies en de gemeenten rond jeugdsport werden door deze stuurgroepen gecoördineerd.Grote evenementen zoals Doe-aan-sportbeurzen, Jeugdsportival, Avontuuratlon, Sportkriebelhappening, Supergem, de provinciale finales Jeugdpentatlon, werden in 1992,1993 en 1994 georganiseerd.Vanaf 1995 werden naast de provinciale jeugdsportevenenementen en de Doe-aan-sportbeurzen ook vijf provinciale seniorensportdagen georganiseerd.
Klassiekers in de jeugdsportevenementen zijn: Jeugdsportival, Stadskriebels, Kriebelmania, Kick op Sport, de 25 sportkriebels, de Vroemdag, enz. 

Acties en evenementen op Vlaams niveau

Naast Vlaamse campagnes en provinciale evenementen organiseerde Bloso vanaf 1991 ook tal van acties en evenementen.
Dé Gordel blijft het paradepaardje. Deze Bloso-klassieker is een Vlaams, sportief, familiaal en muzikaal evenement dat elk jaar opnieuw (de 1ste zondag van september) tienduizenden Vlamingen op de been – of op de fiets – brengt in de Vlaamse Rand rond Brussel. In 2010 is Dé Gordel aan zijn 30e editie toe en jaarlijks nemen nog steeds meer dan 80.000 fietsers en wandelaars deel aan de fiets- en wandeltochten in de rand rond Brussel.

Een aantal acties, opgestart in de jaren ’80 werden voortgezet, zoals bijvoorbeeld de Wandel-mee-dag (1980-1994). De Watersportdag (1989-1999) telde 6.500 deelnemers in 1991 en 37.000 deelnemers in 1999. Vanaf 2005 werd Dé Watersportdag opnieuw georganiseerd.
In 1990 werd de Sportdag voor Ambtenaren voor het eerst georganiseerd. Het doel van deze sportdag is alle ambtenaren van de Vlaamse Gemeenschap te laten kennis maken met een brede waaier aan sportmogelijkheden en hen te sensibiliseren om ook in de loop van het jaar geregeld aan sport te doen. Het aantal deelnemende ambtenaren is in de loop der jaren gestegen van 2.000 in 1990 tot 6.365 in 2009.
Vanaf 1993 werden acties op touw gezet die gericht waren op specifieke doelgroepen, zoals de meisjessportdag en de vrouwensportdag voor migranten (1993-2000) en sportinitiatieven voor kansarmen en jonge delinquenten zoals het Believe drugsproject in Ruiselede (1996-1999).
Eveneens in 1993 werd de Jeugdpentatlon opgestart, waarvan het uitgangspunt steunde op de filosofie Fun and Friends: samen met vrienden, als ploeg, plezier beleven aan het uitvoeren van 5 sportieve proeven.
Vanaf 1993 werkt Bloso structureel samen met de Stichting Vlaamse Schoolsport, o.a. via 4 grote projecten die tot vandaag doorlopen: de 100 Sportkriebels (1993-2002), vanaf 2003 Sportprikkels genoemd, de Vlaamse veldloopweek voor scholen (reeds opgestart in 1989), de Avonturentrophy en de Gordel voor Scholen. Aan de Vlaamse veldloopweek voor scholen deden in 2009 210.883 leerlingen mee. De Gordel voor Scholen werd snel het 2e grootste sportevenement in Vlaanderen, met meer dan 30.000 deelnemende jongeren. Bovendien werd vanaf het schooljaar 1995-1996 in het secundair onderwijs een nieuwe promotieactie gevoerd: SOS Sport op school, terwijl tegelijkertijd de klassieker voor het basisonderwijs Schoolsport, een bank vooruit een nieuwe naam kreeg: Sport begint op school. Deze schoolsportpromotieacties die elk drie jaar duurden, werden opgevolgd door de acties Sport òòk op school (1999-2002), en Mijn school heeft sportklasse (2001-2004). Van september 2004 tot 2007 liep de actie Schoolsport doe je niet alleen (2004-2007).

Naast deze langetermijnacties werden in het kader van de samenwerking met de Stichting Vlaamse Schoolsport ook enkele kortetermijninitiatieven genomen zoals de V-Dag (1994), een sportdag rond het thema Jongeren sporten voor de vrede, 3 on 3 basketbal (1994-1995) en street soccer (1995).
In 1993 vatte Bloso het plan op om de evolutie van de fysieke fitheid van de Vlaamse jeugd regelmatig op te volgen aan de hand van de Barometer van de fysieke fitheid (1993-1997- 2005-2009). Omdat meten op zich niet bijdraagt tot het verbeteren van de fitheid werd het project Eurofit in het onderwijs (1993- 2000) opgestart, met de bedoeling de jongeren en hun ouders te sensibiliseren en te motiveren om aan hun fysieke fitheid te werken. Voor dit project trok een Eurofitteam door Vlaanderen, werden bijscholingen voor leerkrachten LO georganiseerd en vier boeken gepubliceerd:

  • Handboek Eurofit voor Leerkrachten Lichamelijke Opvoeding
  • Eurofit Remediëring
  • Fysieke activiteit en voeding
  • Barometer van de fysieke fitheid van de Vlaamse jeugd

Van 1994 tot 2001 vond jaarlijks de Dag van de sportclub plaats. Aan alle Vlaamse sportclubs werd gevraagd hun deuren open te gooien voor alle jongeren, in het bijzonder voor de jeugd tussen 12 en 18 jaar. Het aantal deelnemers aan de Dag van de sportclub steeg van 70.000 in 1994 tot 139.000 in 2000.
In 1994 startte Bloso, in samenwerking met het departement Volksgezondheid een project rond gezonde levensstijl, gezonde voeding en fair-play bij jongeren tussen 12 en 18 jaar. Een bijzonder accent werd hierbij gelegd op Fair-play in de sport (1994-1995).
Onder het motto Kom je kustelijk amuseren organiseerde Bloso van 1993 tot 1998 een grootscheepse Kustactie, met een waaier aan activiteiten. 146.227 mensen namen actief deel, met een gemiddelde deelname van 1.523 per dag.

In 1999 richtte het project Kwaliteitszorg in de sportclub: jeugdwerking IKSport© zich tot alle Vlaamse sportclubs met een jeugdwerking. Dit project bood de sportclubs de mogelijkheid om de kwaliteit te laten meten van hun clubwerking in het algemeen en van hun jeugdwerking in het bijzonder. De deelname aan het project gebeurde op vrijwillige basis. In totaal werden 1.657 sportclubs doorgelicht.

In 2000 werd getracht de sportparticipatie van de niet- of de weinig sportende jongeren te verhogen via het Contract JeugdSport (2000-2004), dat een structurele samenwerking beoogde tussen de scholen, de sportclubs en het lokaal sportbeleid. In de periode 2000-2004 namen 235 gemeenten deel die samen 1.080 dossiers indienden en 4.230 subprojecten realiseerden. 2.867 sportclubs en 1.899 scholen werkten mee. In totaal namen er in de periode 2000-2004 niet minder dan 1.574.252 jongeren deel.

Vanaf 2001 organiseert Bloso, in samenwerking met de provinciale sportdiensten, jaarlijks een informatieronde voor de gemeentelijke beleidsverantwoordelijken voor sport.
Eveneens in 2001 diende Bloso een voorstel van project in met betrekking tot zaalwachters voor gemeentelijke sportaccommodaties.
Dit project liep van 2001 tot 2004 en in deze periode werden in totaal 366 dergelijke startbanen effectief ingevuld. Uitgaande van het principe dat de boodschap van de sensibiliserings - campagnes op het terrein moet versterkt worden, werd in het najaar 2001 voor het eerst Het Sportlint georganiseerd.
Dit evenement vestigde extra aandacht op het belang van sporten in clubverband. Het aantal deelnemers aan Het Sportlint steeg van 8.254 in 2001 tot 18.800 in 2006.

In 2004 werd op initiatief van de minister van Sport de Jeugdolympiade georganiseerd. Het olympisch adagium deelnemen is belangrijker dan winnen indachtig, beoogde deze actie zo veel mogelijk jongens en meisjes van 10 tot 14 jaar te laten deelnemen. Via het afleggen van proeven in 5 sporttakken kon een olympische medaille worden behaald. In totaal werden 57.870 medailles uitgereikt.

In het voorjaar van 2008 werd de tweede Jeugdolympiade georganiseerd. Via het afleggen van diverse proeven in 10 sporttakken kon een gouden, zilveren of bronze medaille worden behaald. 62.554 jongeren namen deel, goed voor 105.654 deelnames en 64.869 medailles.